Laatst bijgewerkt: dinsdag 18 augustus 2020

Korenmolen van Grolloo

Korenmolen van Bos

Bronnen:

  • de Nieuwe Drentse Almanak
  • RHG dhr. W.Houtman
  • kranten en dergelijke

 

Grolloo heeft een korenmolen gehad. Deze stond aan de westzijde van het dorp, zie bijgaande plaatjes. Op het bonneblad zie je een weggetje naar de korenmolen. Dit heette het Meulendiekie. Het weggetje is er helaas niet meer, net als de molen. De molen is in 1852 gebouwd en was van het type Grondzijler. Via Bas Luinge, een nazaat van één van de eerste molenaar/bakkers van Grolloo, komen we aan een tekening van de molen. Deze tekening is gemaakt door Ronnie Bugel op basis van vertellingen. De molen zal er dus ongeveer zo uit gezien hebben. De molen is ergens in 1920 of 1921 afgebroken.

 

De locatie van de molen volgens http://www.molendatabase.org

 

Positie van de korenmolen K.M. volgens Bonnebladen (1900-1930)

 

Grollo Bonnekaart positie molen

 

Hoe kwam Grolloo in 1844 niet aan een molen

In 1844 richtte H. Brookman, korenmolenaarsknecht te Assen, zich tot de Gouveneur met het verzoek hem vergunning te verlenen voor het oprichten van een koren- en pelmolen te Grolloo. Als plaats voor de molen had hij een hoge hof gekozen bij het Westersche Zand van Grolloo. Eigendom van de boermarke van Grolloo, gelegen op 280 meter van de boerderij van Jan Westebring en 400 meter van de publieke weg. Westebring stond er positief tegenover, de boermarke wilde de grond gratis afstaan en de inwoners van Grollo zagen er veel "gerijf en gemak" in. Ook de mogelijkheid van pellen werd van belang geacht, omdat de ingezetenen hier veel gebruik van dachten te maken. Ondanks het onverdeeld gunstige advies van de burgemeester werd de aanvraag afgewezen. Brookman liet het er kennelijk niet bij zitten, want tot twee keer toe werd daarna nog advies aan de burgemeester gevraagd. Deze wees erop dat Grolloo 266 zielen (44 huisgezinnen) had en Schoonloo 85 (13 huisgezinnen), dat deze plaatsen op respectievelijk één en twee uur rijden van de molens van Rolde lagen en dat zich zelfs al een brood- en stoetbakker had gemeld, die zich in Grolloo wilde vestigen als daar een molen zou worden opgericht. Het mocht niet baten, het antwoord bleef afwijzend. Ten einde raad wendde Brookman zich tot Provinciale Staten met de klacht, dat het Ministerie van Financiën herhaalde malen zijn verzoeken om vergunning had afgewezen zonder redenen of gronden voor die afwijzing kenbaar werden gemaakt. De uit de Staten benoemde commissie, die hierover advies moest dienen, meldde na een dag al, dat ze zich bezwaard achtte een bepaald advies uit te brengen en stelde de zaak weer voor aan Gedeputeerde Staten over te geven. Dit college zou daarop dan moeten beschikken of handelen 'zoals zij vermenen te behoren'. De molen van Brookman is er niet gekomen. Maar waarom niet is onduidelijk gebleven.

 

Hoe kwam Grolloo in 1853 wel aan een molen 

Weer niet..... of toch?

In 1849 diende Albert Bos, timmerman te Paterswolde, een verzoek in om een koren- en chikorijmolen te mogen bouwen in Grolloo. Hij had een stuk heide op het oog ten westen van de weg Grolloo - Amen, in eigendom van de Marke van Grolloo. De burgemeester, die ook ditmaal weer van advies moest dienen, meldde dat de molen op honderd meter van de publieke weg zou worden gebouwd en dat de roeden van de molen boven zwikstelling zouden draaien, zodat er geen gevaar voor derden te duchten zou zijn. De oude argumenten, die voor de bouw van een molen pleitten, werden opnieuw naar voren gebracht. Ditmaal werd daaraan toegevoegd, dat de afstand tot Rolde sommigen ertoe deed besluiten het koren ongemalen aan de varkens en het vee te voeren. Hij wees er verder op, dat in Smilde, Westerbork, Borger, Odoorn, Ruinerwold, Eelde en Rolde reeds meer dan één molen tot stand was gekomen. Dan was ook één molen voor Rolde toch niet te veel gevraagd. De Controleur van Belastingen was niet overtuigd en liet zich nogmaals informeren over de waarschijnlijkheid, dat de ingezetenen van Amen hun graan in Grolloo zouden laten malen en voorts hoe groot de afstand was en de toestand van de weg. Ondanks alle positieve brieven beschikte het Ministerie van Financiën negatief op de aanvraag van Bos. Men liet het er echter niet bij zitten met al resultaat, dat er in october 1852 een mededeling van de minister van Financiën kwam, dat hij namens de Koning aan A. Bos vergunning verleende een windkorenmolen op te richten onder voorwaarde dat deze niet dichter dan honderd meter van de openbare weg werd geplaatst en de bouw binnen een jaar zou plaats vinden. Wanneer de molen exact voltooid was is niet exact na te gaan, maar uit de afloop van een twintig jarig termijn van vrijdom van grondbelasting per 1 januari 1873 kan worden afgeleid dat de molen er begin 1853 gestaan moet hebben. De eerste steenlegging was in ieder geval op 11 april 1853. Daarnaast lezen we dat Albert Bos op 5 december 1853 zijn "Behuizinge en Hof" te Eelde per palmslag te koop aanbiedt. Hij heeft zich dan al in Grolloo gevestigd.

De molen werd gebouwd op heidegrond van de onverdeelde Marke van Grolloo, gelegen ten westen van de toenmalige weg vanaf de Pol te Grolloo naar Amen. In 1854 werd een apart kadastraal perceel gevormd, uitmakende korenmolen en erf, doch dit werd eerst bij de markeverdeling van 1856 op naam van Bos gesteld. 

 

18510815 krant PDAC molen Bos

18510815 krant PDAC molen Bos

 

18521027 krant NieuweDrentschecourant molen Bos

18521027 krant NieuweDrentschecourant molen Bos

 

18530413 krant NieuweDrentsecourant molen Bos eerste steenlegging

18530413 krant NieuweDrentsecourant molen Bos eerste steenlegging

 

18530713 krant PDAC molen vergunning

18530713 krant PDAC molen vergunning

 

 

18531130 krant PDAC molen verkoop Bos Eelde

18531130 krant PDAC molen verkoop Bos Eelde

 

De Markescheiding

1854: ontstaan van kad. perceel E 710, korenmolen en erf, groot 30 ca. t.n.v. de Markgenoten van Grolloo

  • 1856: Perc. E 710 wordt bij de Marke verdeling nr. E 929, moolen, 30 ca. Op naam gesteld van A. Bos, moolenaar te Grollo
  • In het boek "Kijk op Grolloo"wordt vermeld dat de markescheiding in 1859 plaatsvond.

 

De molen wordt verkocht in maart 1867

We halen uit de kranten het nieuws dat de molen al worden verkocht. We spreken dan over begin 1867. Op 2 maart zal publiek wordt verkocht een goed onderhouden beklante koren- en pelmolen. De verkoop wordt op 16 maart finaal en bij palmslag "eene goed onderhouden en beklante nieuwe stenen kooren- en pelmolen, de enige in dat kerkdorp, met daarbij gelegen grond ingezet is op fl. 3650,-- verkocht. 

In de advertenties, waarvan vele hieronder zijn afgebeeld, komen we de naam van Uge Bos tegen. Uge is kastelein, maar gezien sommige teksten mogelijk eigenaar van de bakkerij, waarin door Albert Bos gewerkt werd.De molen wordt samen met het huis en de bakkerij verkocht op 16 maart 1867. Koper is Arend Smit, landbouwer te Grollo.

 

 

18670216 krant PDAC verkoop molen Bos

18670216 krant PDAC verkoop molen Bos

18670305 krant PDAC verkoop molen en bakkerij Bos

18670305 krant PDAC verkoop molen en bakkerij Bos

18670309 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos boerderij Bakker

18670309 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos boerderij Bakker

 

 

De molen wordt verkocht in juli 1867

Niet helemaal duidelijk waarom we in juli van het zelfde jaar zien dat de molen opnieuw in de verkoop komt en opnieuw ten bate van Albert Bos. Hoe het zit met Arend Smid is op dit moment een raadsel.

 

 

18670615 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos

18670615 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos

18670706 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos

18670706 krant PDAC verkoop molen bakkerij Bos

18670712 krant Leeuwarder Courant koren en pelmolen tekoop

18670712 krant Leeuwarder Courant koren en pelmolen tekoop

 

 

De bakkerij wordt verkocht in december 1867

Eind 1867 wordt niet gesproken over de verkoop van de molen, maar wel van de bakkerij.Hier lezen we dat de bakkerij tot dan in gebruik is bij Albert Bos. De koop wordt begin 1868 gesloten. Koper is Hendrik Westerling en hij is molenaar te, Grolloo. Hij vraagt ook om een bakkersknecht en om gereedschap, kennelijk met de bedoeling naast de molen ook de bakkerij te bestieren.

18671123 krant PDAC verkoop boeldag huis Bos

18671123 krant PDAC verkoop boeldag huis Bos

 

18680225 krant PDAC molen knecht gereedschap Westerling

18680225 krant PDAC molen knecht gereedschap Westerling

 

 

De familie Bos

Hoe het precies met de familie Bos zit, moet ik nog eens uitzoeken. En of onderstaande advertentie iets met de bakkerij van Westerling te maken heeft is niet duidelijk. Albert Bos heeft mogelijk de groeg overgenomen van Uge Bos, want vier jaar eerder vinden we nog een advertentie waarin een boeldag plaatsvind bij kastelein Ugo Bos.In die advertentie worden winkelgereedschappen genoemd. Dit zouden de bakkerijgereedschappen kunnen zijn die Hendrik Westerling bij zijn aantreden in 1868 te koop vraagt.

 

18720123 krant PDAC tekoop bakkerij herberg winkel

18720123 krant PDAC tekoop bakkerij herberg winkel

 

18680222 krant PDAC verkoop boeldag Uge Bos

18680222 krant PDAC verkoop boeldag Uge Bos

 

De bakkerij wordt verkocht in december 1876

In 1876 koopt een wethouder uit Rolde, Bastiaan Haange de molen. Het perceel waarop de molen staat, wordt in 1877 opnieuw gemeten en krijgt een nieuwe code.Perceel E 929 wijzigt in O 165 met dde vermelding windkoornmolen en is 30 centi-are groot.

Dan gaat de molen in 1884 door vererving over in handen van Willem Haange en cons. Willem is bakker te Rolde.

In 1892 komt wegens vererving en boedelscheiding de molen in bezit van Roelof Luinge, bakker en molenaar Grolloo. Roelof was gehuwd met Aaltje Haange; ze hadden als kinderen Bastiaan (molenaar) en Jan (bakker).

Dan is te vinden in de akte van scheiding van de boedel in 1922 van wijlen Roelof Luinge (overl. 05/08/'22) dat perceel O 165 toegewezen aan zijn zoon Bastiaan luinge, molenaar, Grollo, geh. met L. Sijbring. Opvallend is dat in de akte niet meer over een molen wordt gesproken.

Twee jaar later, in 1924 komt perceel O 165 wegens vererving op naam van Bastiaan en zijn kinderen Aaltje en Sikko (geb. 1917)

Het duurt tot 1950 voordat de molen niet meer terug te vinden is op kadestrale kaarten. Het perceel stond op naam van L. Geerlig - Sijbring, voordien wed. van B. Luinge.De 'belastbare opbrengst gebouwd' voor de molen werd uit de kadestrale legger verwijderd. Gevolg daarvan is, dat tot 1950 nog grondbelasting voor de molen betaald moet zijn.


De molen is in werkelijkheid afgebroken in 1920 of 1921 door de bekende molenbouwer Vlieghuis uit Borger. Deze verzorgde ook altijd het onderhoud. De molen was van het type grondmolen en betrekkelijk klein. In de laatste jaren, na 1914 draaide hij slechts zo nu en dan. De oorzaak hiervan was, dat in 1914 besloten werd om als opvolger van het handkrachtfabriekje een stoomzuivelfabriek te bouwen en daaraan tevens een korenmalerij te verbinden. Bij akte van 25 maart 1914 werd opgericht de 'Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmaalderij Vooruitgang Zij Ons Doel' (V.Z.O.D.). Als vaste mulder werd toen Bastiaan Luinge benoemd. Het wegje vanaf de Amerweg langs de noordzijde van de molen heette het Meulendiekie. Het werd later aangekocht door Hendrik Hadders die het aanmaakte bij zijn land.

Een molensteen van Sikko Luinge heeft nog jaren aan de Amerweg te Grolloo gestaan. Na het overlijden van Sikko is deze steen als grafsteen gebruikt en is nu nog terug te vinden op het kerkhof. Dit is thans nog de enige tastbare herinnering aan de korenmolen van Grolloo.

De molensteen van de windhorenmolen van Grolloo, tot ongeveer 1920 in bezit van defamilie Luinge, heeft jarenlang de voortuin van Sikko Luinge en Roelfien Hebels in Grolloo, gesierd. (foto Geert Kamphuis)

De molensteen van de windhorenmolen van Grolloo, tot ongeveer 1920 in bezit van defamilie Luinge, heeft jarenlang de voortuin van Sikko Luinge en Roelfien Hebels in Grolloo, gesierd. (foto Geert Kamphuis)


Volgens de boeken van Wouda, zeilmaker te Meppel huurde de molen de zeilen van 1876 tot 1917, er werden zeilen gehuurd van 68 voet. Waarschijnlijk is hier in Drenthe gebruik gemaakt van de Amsterdamse voet, deze is ruim 28 cm. andere maten zijn de Utrechtse stadsvoet (26,8 cm). De Friesche koningsvoet(32,6 cm), de latere Friese of Deventer houtvoet (29,5 cm)

 

 

 

 

 

korenmolen-van-Grolloo

Korenmolen door Ronnie Bügel

 

 Hebt u nog foto's, tekeningen, oude kaarten of krantenknipsels? Ik verwerk deze graag op deze website. U kunt hier veel mensen een plezier mee doen.

  

 

18530330 krant PDAC verkoop bakkerij Raterink

18530330 krant PDAC verkoop bakkerij Raterink

 

 

18540506 krant PDAC privacy vertrek bakkersknecht

18540506 krant PDAC privacy vertrek bakkersknecht

 

18670712 krant Leeuwarder Courant koren en pelmolen tekoop