Laatst bijgewerkt: zondag 17 april 2016

Artikelindex

Verzekeringen

 

Bron: zie De Boerderij

De afbeeldingen worden allen weergegeven in een maximale breecte van 800 pixels. De werkelijke maten variëren heel sterk. De documenten worden zoveel mogelijk weergegeven in chronologische volgorde. (LR)

 

De in de koppen genoemde jaartallen zijn afkomstig van de in de documenten genoemde datum en dit zegt dus niets over de eventuele startdatum van een instantie. (red.)

 


 

Onderlinge Brandwaarborg Maatschappij 1880

 

Doel der Maatschappij.
Deze Maatschappij stelt zich ten doel, om gebouwen, tilbare en meubilaire goederen, naar evenredigheid der deelneming, onderling te verwaarborgen tegen brandschade, mits deze gelegen zijn binnen de grenzen dezer gemeente.
Deze Maatschappij verwaarborgt geene effecten, Acten, gereed geld, schuldbekentenissen en in het algemeen papieren van een bepaalde of onbepaalde waarde.

Klik hier voor Reglement van de Onderlinge Brandwaarborg Maatschappij gevestigd te Rolde. Dit document is opgesteld op 8 October 1880 en aangepast op 16 juni 1893 en 12 juni 1898.

In dit Reglement wordt gesproken over de kluften der gemeente Rolde.

Verdeeling der Kluften in deze Gemeente.
KLUFTEN:

  • 1ste Westeinde Rolde.
  • 2de Oosteinde Rolde.
  • 3de Grollo.
  • 4de Schoonloo.
  • 5de Amen en Ekehaar.
  • 6de Nijlande en Elderslo.
  • 7de Duurze en Eleveld.
  • 8ste Ballo.

Een kluft was in bepaalde streken in Nederland de benaming van een onderverdeling van een kerspel. Verschil met het kerspel was dat de kluft geen eigen kerk had.

Het vormde een onderverdeling in steden en kan dan als synoniem van een wijk worden gezien. Zo was de stad Groningen onderverdeeld in eerst 4 en later 6 kluften. Deze kluften waren weer onderverdeeld in rotten. Een rot was een buurt, of in het geval van Groningen een straat of een huizenblok aan een zijde van een straat. In Groningen telde elke kluft 13 tot 17 rotten. Ook het burgerregiment (of vendel) bestond uit rotten, wat kan worden vergeleken met een peloton in een compagnie. Een rotmeester hield toezicht op een rot.

 

 


 

Het Groene Kruis 1909

 

Het Groene Kruis is misschien niet zo zeer een verzekering, maar past vanwege het karakter van de vereniging mijns inziens op deze pagina. (Bertus Reinders)

Bron Wikipedia: 

Het Groene Kruis was een neutrale landelijke vereniging voor wijkverpleging (kruiswerk) in Nederland.

De oudste plaatselijke vereniging van het Groene Kruis was die in de plaats Driebruggen. Deze vereniging werd op 3 november 1900 opgericht in de toenmalige gemeente Lange Ruige Weide (Driebruggen) door de huisarts Wilhelm Poolman (1866–1935).

Poolman ijverde in september 1900 tijdens een vergadering van de afdeling Woerden van de Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunde voor de oprichting van een vereniging die actief bezig kon zijn bij het verzorgen en verplegen van zieken en het verbeteren van de hygiënische omstandigheden in de verschillende woonplaatsen, ongeacht de godsdienstige levensbeschouwing van de leden. De Kamerikse huisarts Van Deinse stelde voor om de vereniging in Utrecht en Zuid-Holland de naam "Het Groene Kruis" te geven, waarbij de kleur verwees naar de "huiskleur" van de medische faculteit van de Universiteit. De vereniging breidde zich vervolgens uit over geheel Nederland.

Het Groene Kruis fuseerde in 1978 met het Oranje-Groene Kruis en het Wit-Gele Kruis tot de Nationale Kruisvereniging (NK).

In de gemeente Rolde was ook een Groene Kruis Vereeniging. Hieronder het Huishoudelijk Reglement. De statuten waren bij Koninklijk Besluit goedgekeurd den 2den September 1908 en het Huishoudelijk Reglement is op 25 Januari 1909 vastgesteld.

Klik hier voor Huishoudelijk Reglement van de Vereeniging "Het Groene Kruis" voor de gemeente Rolde en Omstreken.

 

 


 

Vereeniging tot onderlinge verzekering van Paarden 1917

 

Op de pagina: http://www.oldgrol.nl/boeken-over-grolloo/grolloo-van-verleden-tot-heden/verenigingen lezen we:

PAARDENFONDS
In de maand maart van het jaar 1895 hebben de boeren alhier besloten om hun paarden onderling te verzekeren. Er werd gestart met zo'n 35 leden met plm. 70 paarden. Later omstreeks 1905, traden ook enkelen uit Schoonloo toe als lid. Bij de oprichting werd het volgende bestuur gekozen:
A. Hofsteenge, voorzitter, H. Zijgers, penningmeester, R. Sijbring, secretaris, H. Beijering, Hk. Jansen, B. Jansen en A. Wolting. Van de eerste tijden zijn geen gegevens meer aanwezig.

Wanneer iedereen nog eens de oude schoenendoos op de kop zet, komt er best nog het een en ander te voorschijn. Hieronder het Reglement van de Vereeniging tot onderlinge verzekering van Paarden, vastgesteld op 5 Augustus 1917.

Uit dit Reglement:

De Vereeniging stelt zich ten doel, door middel van onderlinge verzekering aan de leden de verliezen van paarden te vergoedén voor zoo ver de dood niet een gevolg is van kwade droes, brand of eigen schuld en achtelóosheid, waaronder ook begrepen is het niet opvolgen der bevelen, door het Bestuur gegeven.
De verzekering geschiedt voor de waarde, waarop elk paard door het Bestuur wordt geschat. Alle paarden moeten het eigendom van den deelnemer zijn.

Klik hier voor het Reglement van de Vereeniging tot onderlinge verzekering van Paarden te Grolloo.

Opmerkelijk is dat op de diverse documenten uit die periode de naam Grolloo in twee vormen voorkomt.


 

Ziekenhuisverplegingsfonds 1924 en 1933

 

Het doel der Vereeniging is, mannen, vrouwen en kinderen, die op medisch advies beslist in een Ziekenhuis moeten worden verpleegd op kosten der Vereeniging gedurende ten hoogste één maand te doen verplegen in het loopende boekjaar.

Klik hier voor het Reglement van het Ziekenhuisverplegingsfonds Grolloo en Omstreken van 1924.


Klik hier voor het Reglement van het Ziekenhuisverplegingsfonds Grolloo en Omstreken van 1933.

Belangrijkste verschillen:

De verblijfduur is van 8 weken naar maximaal een maand gegaan.

Iemand van elders moet zich binnen 14 dagen aanmelden ten opzichte van 30 dagen voorheen.

In 1933 wordt het vervoer geregeld.

 


 

Begrafenisvereeniging 1937

 

Klik hier voor het Reglement van de Begrafenis-Vereeniging Grollo en Omstreken.

 

 


Molest Verzekering Maatschappij 1942

Een verzekering die dekking biedt tegen schade door oorlogshandelingen. Voor zover we kunnen nagaan is hier door betrokken inwoner geen gebruik van gemaakt. Althans we kunnen niets in dien aard terugvinden. Des te opmerkelijker is het dat deze folder bewaard is gebleven.

Klik hier voor de reclame folder van Molest Verzekering Maatschappij.


 

Onderling Boerenverzekeringsfonds 1947

 

Uit het Verkort Verslag lezen we:

Sedert de verschijning van ons laatste verkort verslag (over 1943) zijn er enkele jaren verstreken, welke op bijzondere wijze, in onze herinnering zullen blijven gegrift. Op de donkerste maanden der bezetting, gedurende welke ons kantoor door de niets en niemand, ontziende maatregelen voor tewerkstelling moest worden gesloten, volgde eindelijk de bevrijding en hoopte vrijwel een ieder zijn krachten te kunnen inzetten voor het herstel en den wederopbouw van het vaderland. Dat daarbij teleurstellingen tot nu toe niet zijn uitgebleven is een niet te miskennen feit, maar toch zijn er sedert de bevrijding op velerlei gebied bijzondere prestaties geboden, welke vertrouwen blijven schenken, dat ons volk erin zal slagen den chaos, waarin de bezetter ons land achterliet, te overwinnen.

 

Klik hier voor het Verkort Verslag van het Onderling Boerenverzekeringsfonds te Leeuwarden over de jaren 1944 en 1945.

 

page 0000Statuten Onderling Boerenverzekeringsfonds te Leeuwarden (waarschijnlijk 1948)

Klik hier voor de Statuten Onderling Boerenverzekeringsfonds.

Bron onderstaande informatie: www.archieven.nl

Dit fonds werd opgericht in 1922. Het heeft er van meet af aan naar gestreefd in heel Nederland aktief te zijn. Dat streven werd beloond. In Noord-Holland, Drenthe en Gelderland werd al gauw belangstelling getoond voor het OBF. En dat terwijl het in Friesland maar moeizaam van de grond kwam. Het fonds groeide, maar het ging, vooral in de eerste jaren, bepaald langzaam.

De doelstellingen werden in het reglement aldus omschreven:
'Het fonds sluit verzekeringen voor uitkeeringen bij overlijden, gemengde verzekeringen, pensioenverzekeringen en weduwen-pensioenverzekeringen, tegen premie-betaling, die in geen geval langer duurt dan tot het bereiken van den 65-jarigen leeftijd'. *

Op den duur bleven alleen de levensverzekeringen over. In de tweede helft van de zestiger jaren werd besloten dat in het vervolg ook niet-agrariërs zich bij het fonds konden aansluiten. Dat had een naamswijziging tot gevolg: voortaan heette het bedrijf 'Onderlinge Levensverzekeringsmaatschappij OBF'.
De algemene ledenvergadering was, zoals te doen gebruikelijk bij coöperatieve instellingen, het hoogste orgaan van het fonds. Toen het aantal leden te groot werd om iedereen ter vergadering uit te nodigen werd een ledenraad in het leven geroepen. De leden daarvan werden aanvankelijk gekozen door de afdelingen. Daarover nu iets meer. De leden van de maatschappij werden door het bestuur ondergebracht in afdelingen, die provinciegewijs waren ingedeeld. Elke afdeling had een eigen bestuur. * Toen de afdelingen waren afgeschaft werden de leden van de ledenraad op voordracht van het bestuur provinciegewijs door de leden van de maatschappij gekozen.

Het bestuur bestond aanvankelijk uit 5 tot 7 personen. Later werd het aantal bestuursleden uitgebreid tot 9 en vervolgensd tot 10. Op den duur werd het variabel. Hoe dat laatste geregeld was kan ik het beste demonstreren door artikel 12 van de in 1980 vastgestelde statuten uitgebreid te citeren. Het blinkt bepaald niet uit door leesbaarheid maar aan een parafrase waag ik mij liever niet:
'Het bestuur van de maatschappij bestaat uit een overeenkomstig het bepaalde in dit artikel vast te stellen aantal personen die door de ledenraad uit de leden worden benoemd (-) Uit de leden wonende in een provincie wordt onafhankelijk van hun aantal één bestuurslid benoemd onverminderd het bepaalde in de navolgende volzinnen. Uit de leden wonende in een provincie wordt een tweede bestuurslid benoemd wanneer hun aantal twintig procent van het totale ledental van de maatschappij bedraagt, wordt een derde bestuurslid benoemd wanneer hun aantal meer dan vijftig procent van het totale ledental van de maatschappij bedraagt. De als tweede en als derde, uit de leden wonende in een provincie benoemde bestuursleden treden ingeval het ledental van de provincie waarvoor zij zitting hebben in het bestuur, in enig jaar is gedaald beneden de vijftien procent respektievelijk veertig procent van het totale aantal leden van de maatschappij af, in de eerstkomende ledenraadsvergadering'.

Na de oorlog werd een college van commissarissen in het leven geroepen, dat was belast met het toezicht op het doen en laten van het bestuur. Het bestuur werd terzijde gestaan door een tweetal adviseurs. Om te beginnen een 'wiskundig adviseur' die was belast met het voorlichten van het bestuur, het houden van toezicht op het verzekeringstechnische deel van het bedrijf en het samenstellen van de verlies- en winstrekening. In de tweede plaats door een medisch adviseur.
Vooral sedert de 2de helft van de 60'er jaren heeft de maatschappij zich tamelijk veelvuldig beziggehouden met het financieel ondersteunen van diverse bedrijven, instellingen en verenigingen. Daartoe behoorde ook de sportsponsoring.

Boerenverzekeringsfonds te Leeuwarden